De vader van de stamhouders

Datum van overlijden gevonden!

Al eerder heb ik geschreven over Arnoldus Groothoff uit Duisburg. Zie de bijdrage over de Vijf stamhouders. Ik had in 2006 in Duisburg zijn doopinschrijving gevonden en zijn huwelijk met Catharina Everts. Via Family Search kwam ik het 2e huwelijk met Elisabeth Habicht op het spoor. In Rotterdamse actes kom ik echter vaker de naam Hafens/Hafins tegen. Heeft Family Search fout getranscribeerd?

Het overlijden van Arnoldus moet tussen de jaren 1791 en 1798 hebben plaatsgevonden, maar ik had daar geen bewijs van. Vandaag was ik weer (digitaal) in Rotterdam en na enkele pogingen lukte het me om de scans van huwelijkse bijlagen te downloaden.

1834
In 1834 trouwt dochter Catharina Gerdraud in Rotterdam met Arnold Philipp Schumacher, ook van Duitse komaf. De jongens die in Zaltbommel trouwden kwamen nog weg met een mondelinge verklaring dat de ouders waren overleden, maar dat werd in 1834 in Rotterdam niet geaccepteerd. Zo vond ik vandaag de sterfdatum van Arnoldus in een bijlage bij de huwelijksakte:

Catharina G 1789 trouwacte 2

Arnoldus sterven 1793
Im Jahren siebzehnten hunderd drei und neunzig den 7. Januar des nachts 12 Uhr starb dahier auf den Kaiserstrasse Arnoldus Grothof an den Wasserzucht alt 56 Jahr.

Om de ambtenaren te helpen was er een officiële vertaling bijgesloten:

Catharina G 1789 trouwacte 4

Translaat uit het Hoogduitsch.

Extract uit het Register der Overledenen van de grootere Evangelische Gemeinte te Duisburg.
In het jaar zeventienhonderd drie en negentig den 7den Januarij des nachts ten 12 uren stierf alhier op de Keizerstraat Arnold Grothof, aan de waterzugt in den ouderdom van 56 jaren.
GeExtracheert en bekrachtigd door … Lange, prediker.
Duisburg den 25. Junij 1834

En

Uit het Register van Overlijden der kleindere Evangelische Gemeinte te Duisburg.
In het jaar Een duizend Achthonderd en Elf den twaalfden Augustus, overleed de Weduwe Elisabeth Grothof gebore Hafins (d. 1 Aug. 1811).

Daarna volgt een 2e uittreksel uit het doopboek voor de doop van Catharina Gerdraud.

Het hele document is ondertekend:
Getrouwelijk na het Originael vertaald, bij mij beëdigt Translateur te Rotterdam den vijfden Julij Achtenhonderd vier en dertig.
Corn. Rooster

Nu is Arnoldus op 3 juni 1739 gedoopt, dus was hij in 1793 geen 56, maar 53 jaar; dat zullen we de dominee van 1834 maar vergeven.

Vijf stamhouders zakken de Rijn af

Inschrijving in Zaltbommel

Vanaf 1793 groeit de Groothoff-clan in Zaltbommel snel. Vijf Duisburgers, de gebroeders Groothoff, kloppen in die jaren aan bij hun oom en tante De Bie-Groothoff. Zij worden stamhouders van een groot nageslacht. Waarom zij allen de Rijn afzakken is niet bekend. Ontvluchten de mannen de dienstplicht? Of zoeken ze een veilig heenkomen nu de Fransen oostwaarts optrekken? Zijn ze uitgenodigd door oom Wim de Bie, die een opvolger voor zijn bedrijf nodig heeft? Zijn zij economische vluchtelingen? Misschien kom ik daar nog eens achter.

Vader Arnoldus
Wat weet ik van hun vader Arnoldus?
Arnoldus is geboren in 1739 en op 3 juni in de Salvatorkerk in Duisburg gedoopt. Hij doet traditioneel op zijn 18e jaar belijdenis op Osterdienstag 28 maart 1758.
In het kerkboek staat “… hierauf haben folgende Personen ihre Glaubensbekenntnis abgeleget und sind, nachdem sie die ihnen vorgelegte Pflichten mit Mund und Hand angelobet, zu Gliedern der Gemeinen auf  und angenommen worden.”.

Arnoldus trouwt in 1766 met Catharina Gerdrutha Everts. Achtereenvolgens komen Gerhard (1766), Wilhelm (1770), Heinrich (1773), Johann (1776) en Mattheis (1779) ter wereld.

Arnoldus is 43 jaar als hij in 1782 uit Zaltbommel zijn deel van de erfenis van zijn tante in Zaltbommel ontvangt (zie het hoofdstuk over het testament uit 1780).
Er breken echter droevige tijden aan. In 1783 overlijdt Gerhard, 16 jaar oud; vlak voor Kerstmis in dat zelfde jaar wordt een meisje geboren, maar zij leeft slechts enkele dagen, en ook moeder Catharina overlijdt kort na de bevalling.
De vier achtergebleven jongens zijn dan 13, 10, 7 en 4 jaar oud.

Arnoldus vindt in Moers (een stadje aan de westkant van de Rijn tegenover Duisburg) een nieuwe vrouw: Elisabeth Habicht. Zij trouwen daar in 1785.

Moers_1800

Er komen in Duisburg nog 3 kinderen ter wereld: Gerhard (1786), Catharina Gerdraud (1788) en Johann Friedrich (1791).

Vanaf de jaren ’90 vertrekken de oudste 4 jongens allen, als zij eenmaal volwassen zijn, naar Zaltbommel. Kunnen ze niet met hun stiefmoeder opschieten?
Ook Gerhard volgt hen in 1810.

Aankomst in Zaltbommel
Als eerste komt Willem aan. In 1793 wordt hij ingezworen als burger van Zaltbommel, terwijl oom Willem de Bie borg is. In het Burgerboek staat dit zo:

Willem 1793

Willem Groothof in civem receptus juravit solemniter, et solvit jura ad f 22-.-. die aanstonds gedistribueert zyn. En heeft Willem de Bie zig als borge geconstitueert. Actum 15 april 1793.
Willem Groothof in civem receptus juravit solemniter, et solvit jura ad f 22-.-. die aanstonds gedistribueert zyn. En heeft Willem de Bie zig als borge geconstitueert. Actum 15 april 1793.

In die jaren woedt er een oorlog tussen Frankrijk aan de ene kant en Oostenrijk en Pruisen aan de andere kant. In april 1795 wordt bij de Vrede van Basel een wapenstilstand gesloten tussen de Fransen en de Pruisen; er wordt een lijn getrokken door het tegenwoordige Duitsland, waarbij de Fransen beloven achter die grens te blijven. Duisburg ligt precies op die Demarcatie Linie.

Demarcations-Linie 1795
Demarcations-Linie 1795

Roerort (Ruhrort) in het midden, Duisburg ten zuiden aan de andere kant van de Ruhr. Ook Moeurs en Orsoy worden vermeld. De Demarcatie Linie is vaag in blauw en geel weergegeven.*
Die afgesproken vrede laat het vrije verkeer over de Rijn weer toe. In mei worden in Duisburg al boten met steenkool geladen voor Holland.

Trekken Johann en Heinrich nu noordwaarts? Nemen zij een postwagen, stappen ze aan boord van een beurtschip of gaan ze te voet? Met apostelpaarden, zei men in die tijd. Johann en Heinrich worden samen met Willem in 1798 vermeld in de ‘Lijst der telling van al de Gereformeerde zielen binnen Z.Boemel’. Ze wonen in bij A. de Bie, waarschijnlijk een broer van oom Wim.

Zielen in 1798 W+H+J

In 1802 komt ook broer Mattheis in de stad. Hij wordt opgenomen in de ‘Lijst van de leedematen der kerke van Zaltbommel’. Reist hij via Horssen onder Nijmegen? In 1805 trouwt hij met een meisje uit Horssen.

Mattheis 1802

Als laatste verschijnt (half)broer Gerhard in Zaltbommel. Hij komt voor in de burgerlijke stand die de Fransen in december 1810 laten opmaken ‘Etat de population de Mairie de Zalt Bommel’. Alle beroepen worden hierin in het Frans genoteerd. Gerhard woont bij broer Hendrik, die bakker is.

Gerrit 1810

Gerrit 1810-2

Ondanks de Franse tijd en de Franstalige beroepen, worden de voornamen van de Groothoffen in de burgerlijke stand vernederlandst. En keurig met dubbel ‘o’ en ‘f’ geschreven. De geboortedata zijn minder nauwkeurig.

Catharina Gerdraud
Ook Catharina Gerdraud komt naar Nederland, maar haar komen we tegen in Rotterdam. Nadat haar moeder Elisabeth Habicht in augustus 1811 in Duisburg is overleden, laat Catharina op 12 september 1811 bij een notaris in Rotterdam een acte opmaken, waarin zij zegt haar broeder Gerrit te repraesenteren (vertegenwoordigen) “in alle betrekkingen in het sterfhuis en omtrent de behuizing van haren nagelaten boedel…”.
De jongste broer Johann Friedrich wordt hier niet genoemd, waarschijnlijk leeft hij niet meer.

Gezin van Arnoldus Groothoff

I.1           Arnoldus GROOTHOFF, gedoopt op 03‑06‑1739 te Duisburg, overleden 1791‑1798.
Ondertrouwd (1) op 20‑07‑1766 te Duisburg, gehuwd voor de kerk op 27‑jarige leeftijd op 03‑08‑1766 te Duisburg met Catharina Gerdrutha EVERTS, geboren ca. 1738, overleden op 21‑12‑1783 te Duisburg.
Ondertrouwd (2) op 27‑02‑1785, gehuwd op 45‑jarige leeftijd op 13‑03‑1785 te Moers (Rheinland) met Elisabeth HABICHT, geboren ca. 1755, overleden op 29‑08‑1811 te Duisburg.

Uit het eerste huwelijk:

  1. Gerhard GROOTHOFF, geboren op 29‑10‑1766 te Duisburg, overleden op 30‑04‑1783 te Duisburg op 16‑jarige leeftijd.
  2. Wilhelm GROOTHOFF W1, tonnelier (1810), kuiper, geboren op 22‑01‑1770 te Duisburg, overleden op 05‑07‑1849 te Zaltbommel op 79‑jarige leeftijd.
  3. Heinrich GROOTHOFF H1, boulanger (1810), landbouwer, geboren op 21‑03‑1773 te Duisburg, overleden op 25‑12‑1850 te Zaltbommel op 77‑jarige leeftijd.
  4. Johann GROOTHOFF J1, boulanger (1810),bakker, geboren op 04‑02‑1776 te Duisburg, overleden op 25‑06‑1852 te Zaltbommel op 76‑jarige leeftijd.
  5. Mattheis GROOTHOFF M1, boucher (1810), spekslager, landbouwer, geboren op 19‑07‑1779 te Duisburg, gedoopt op 22‑07‑1779 te Duisburg, overleden op 16‑06‑1869 te Zaltbommel op 89‑jarige leeftijd.
  6. Catherina Gertrud GROOTHOFF, geboren op 20‑12‑1783 te Duisburg, overleden op 22‑12‑1783 te Duisburg, 2 dagen oud.

Uit het tweede huwelijk:

  1. Gerhard GROOTHOFF G1, garcon de boulanger (1810), schoenmaker, geboren op 19‑01‑1786 te Duisburg, overleden op 01‑01‑1829 te Zaltbommel op 42‑jarige leeftijd.
  2. Catharina Gerdraud GROOTHOFF, geboren op 31‑12‑1788 te Duisburg, overleden op 12‑09‑1860 te Rotterdam op 71‑jarige leeftijd.
  3. Johann Friedrich GROOTHOFF, geboren op 13‑11‑1791 te Duisburg, overleden voor 1811.

De afbeeldingen van de registratie in Zaltbommel zijn afkomstig uit het Regionaal Archief Rivierenland in Tiel.

*Zie de complete kaart in de Universiteitsbibliotheek Utrecht
Demarcations-Linie welche Kraft dem am 17. May 1795 zwischen Frankreich und Preussen geschlossenen Vergleich bestimmt : wie weit die Franzosen disseits des Rheins in Deutschland vordringen dürffen.

Mattheis in Duisburg 1794: wel of niet naar Zaltbommel?

We hebben verteld hoe de kleermaker Johannes Groothoff in 1769 in Zaltbommel terechtkwam, in 1777 gevolgd door zijn nichtje Geertrui. Tussen 1793 en 1810 komen van de volgende generatie vijf neven en een nicht van Geertrui ook naar Zaltbommel. Van hen is Mattheis (1779-1869) mijn rechtstreekse voorvader. Er zijn geen schriftelijke overleveringen, waaruit we hun overwegingen kennen. Dat geeft mij de mogelijkheid om mijn gedachten de vrije loop te laten.

Duisburg, nu en toen
Met wiskundige precisie liggen de containers vier-, vijfhoog opgestapeld. Enorme kranen takelen de kleurrijke bakken uit de duwboten, ze wenden eDuisport 3n keren hun last alsof het een ons weegt. Wat ze vervoeren? Wie zal het zeggen. Op computers in  het havenkantoor wordt alles bijgehouden. Nummer zus-en-zo komt van X en moet per trein naar Y.
DuisPort, de haven van Duisburg aan de monding van de Ruhr.

Hoe anders ging het toe in 1794/1795, toen Mattheis hier rondliep, laadde, loste, sjouwde, sjorde. Balen lakenstof, kisten Rijnwijn, zakken met kolen, ijzererts, ja soms ladingen boomstammen.
Hij wist het nog goed, die dag in november. Om de Salvator stond een flinke wind, waar hij tegen in moest. In de smalle stegen bij de kerk was ‘t nog donker, maar toch zag hij de wolken langs de hemel jagen. De stank van de overvolle beerputten, rotte vis en verschraald bier mengde zich met de geuren uit bakkersovens en de rook van smederijen.

salvatorkirche_j1850

‘We krijgen regen, vandaag’, dacht hij. ‘Wat een wind’, dat wordt nog wat op die gammele loopplanken’. Veel werk zou er trouwens niet zijn. De dreiging van oorlog had alles stilgelegd. De Oostenrijkers hadden zich na de verloren veldslagen in de Ardennen, teruggetrokken achter de Rijn en waren ook hier in Duisburg en in Ruhrort ingekwartierd. De Fransen bezetten de hele linker Rijnoever, er was geen doorkomen aan.

Om bij de haven van Ruhrort te komen moest hij met de veerpont de Ruhr over. Op een oude bark waren planken zo vastgenageld, dat er een vlak dek was ontstaan, er konden wel twee rijtuigen mee. In het midden van de rivier lagen ankerbootjes, kabeltouwen hielden de pont op zijn plek. Met grove klampen werd de pont langs de kabels naar de overzijde getrokken. Mattheis pakte ook een klamp en hielp de pontbaas een handje. Dat was vanwege de stroming en het hoge water niet al te zwaar werk; de Ruhr was wel twee keer zo breed als in de zomer. De pontbaas had de laatste tijd bijzondere lading: regelmatig moesten er troepen worden overgezet, paarden en wagens, kanonnen en ander geschut.

Fliegende Brücke, Gierponte in Düsseldorf
Fliegende Brücke, Gierponte in Düsseldorf

In het eerste morgenlicht stak de Salvator indrukwekkend af tegen de horizon, zijn toren was een baken voor de verre omtrek. In onze dagen moet je je eerst een weg banen door een woud van kranen, loodsen en kantoren wil je zicht krijgen op het oude Duisburg. De Salvator was in 1794 al geen baken voor de Rijnvaart meer, gedurende eeuwen had de rivier zijn loop steeds verder naar het westen verlegd. Duisburg lag niet meer aan de Rijn. De Alte Rheinstrasse was zijn naamgever al jaren kwijt. Op Mattheis’ geboortebewijs staat zelfs dat hij in Duisburg aan de Roer geboren is.

Op de kade was het een hele drukte. Briesende paarden, rollende vaten, geschreeuw van scheepsjongens, loopplanken schuurden over de reling. Het water was voortdurend in beweging. Vuurtonnen waren met kolen opgestookt en verweerde handen warmden zich boven de gloed. Mattheis was nog niet vernikkeld, er was melk in huis geweest, waar zijn moeder al vroeg broodpap van gekookt had. Het was niet makkelijk om aan verse melk te komen met al die Oostenrijkers in de stad. Een paar duizend monden extra en de heren waren niet snel tevreden. Gelukkig hadden zij familie buiten de stad, zodat ze nog geen gebrek hadden.

Samoreus
Hij liep naar de havenloods om zich te melden. ‘Zeg Mattheis, hoe oud ben je eigenlijk?’, vroeg de havenmeester. ‘Die Oostenrijkers willen hun troepen uitbreiden en zijn op zoek naar huursoldaten. Nou ja, met je vijftien jaar zit je misschien nog aan de goede kant. Of je moet het leuk vinden om als kanonnenvoer te dienen…
En even wat anders, gisterenmiddag is er toch nog een Keulenaar binnengevaren, hij ligt daar achteraan naast die Hollander. Het ziet er niet naar uit dat hij verder de Rijn af kan zakken. We moeten hem lossen, want hij krijgt zijn lading niet voor de winter in Rotterdam. Nou ja, die kolen raken we hier ook wel kwijt. Heinrich is er al. In de loods van Becker is voorlopig nog plek, zolang die Oostenrijkers daar geen kwartier gemaakt hebben’.

Mattheis moest er niet aan denken, in dienst bij die Oostenrijkers, zelfs niet bij de Pruisen. Zijn negen jaar oudere broer Wilhelm was een paar jaar geleden uit Duisburg vertrokken om  aan de dienstplicht te ontkomen. Volgens de schaarse berichten woonde hij bij hun tante Geertrui in Bommel in Gelre aan dSamoreuse beneden Rijn. Zodra het kon zou hij zijn broer achterna gaan. Op een dag ging hij aan boord van een trekschuit, nee natuurlijk niet, dat kon hij niet betalen. Hij zou meevaren met een beurtschipper of op zo’n echte Samoreus, zoals de aken uit Keulen ook wel genoemd werden.

 

Noten

1e versie van dit verhaal heb ik geschreven in het kader van een cursus Familiegeschiedenis schrijven bij het Centraal Bureau voor Genealogie.

Inspiratie uit
Duisburger Notizen : zeitgenössische Berichte von 1417-1992. Duisburg, 1998.

Duisburg im Tagebüch des französischen Emigranten Pierre Hippolyte Léopold Paillot, blz. 113 (in der Übersetzung): “…Wir verliessen diesen Ort gegen 6 Uhr morgens. Ungefähr eine halbe Meile von dort stösst man auf die Ruhr, die ein ziemlich grosser Fluss ist und nicht weit von Duisburg in den Rhein mündet. Man überquert diesen Fluss mit einer grossen Barke, die in etwa wie eine Fliegende Brücke angelegt ist. Sie ist auch mitten in der Strömung durch eine schwere Kette verankert, die selbst mit kleinen barkassen verbunden ist. Aber, da das nur ein Ponton ist, können nur zwei oder drei Wagen gleichzeitig übersetzen…”.

1794/1795. Der junge Franz Haniel erlebt in Ruhrort Kriegswirren und fremde Besatzung, blz. 114: “…Vom Herbste 1794 bis zum Frühjahr 1795 blieb die ganze österreichische Armee am Rhein auf der rechten Seite stehen, die Franzosen hatten dagegen das ganze linke Rheinufer von der Schweiz bis Holland besetzt; die auf dem Rhein sich befindenen beladenen und unbeladenen Rheinschiffe flüchteten sich auf den rechten Rheinseite, hauptsächlich nach Ruhrort, und der kleinen Hafen fasste nur wenige, daher sich diese, soweit nur Wasser war, der Ruhr hinauf retirirten…”.

“…Unser Haus wurde mit österreichischer Einquartirung von Offizieren, Bedienten pp. überladen; die Stadtbewohner so wie die ganze Gegend mussten das Erforderliche ohne Vergütung hergeben, jedoch mit Ausnahme des Pferdefutters Hafer und Heu, wobei unser  Kutscher sehr klagte, dass unser Heu zu oft freundlich in Anspruch genommen würde…”.

Uit de oude doos

Blogger vlakbij een veerpont opgegroeid; hier zonder klamp met zijn oudste zus en pontbaas Gijs van Stavoren, Oude Wetering ca. 1960; rechts mijn geboortehuis Veerstraat 40.

Blogger vlakbij een veerpont opgegroeid; hier zonder klamp met zijn oudste zus en pontbaas Gijs van Staveren, Oude Wetering ca. 1960; rechts mijn geboortehuis Veerstraat 40.

Trui en Trui: een testament uit 1780

Voor mij ligt een handgeschreven papier, 3x gevouwen en met 4 lakzegels dichtgeplakt. De gaatjes en de restjes van het rode rijgdraad zijn nog zichtbaar.
Op de buitenkant uitleg over de inhoud van het ‘beslooten papier’: het is een testament ‘laatste off uijtterste Wille’.
“Voor ons onderschreeve Scheepenen compareerde Geertruijda van Saan Weduwe van Johannes Groothoff…”
Ondertekend 4 mei 1780 door de scheepenen D.J van den Steen en N. le Balleur.

P1100537

Ik ondergeschreeven Geertruijda van Saan, Weduwe van Johannes Groothoff woonende binnen Boemel, overdenkende de Seekerheijd des Doods en desselfs onseekere Uure, begeerende daarom van mijne tijdelijke Goederen te disponeeren…

 Zo begint dit testament, dat ik zie als (voorlopig) oerdocument van de familie Groothoff. Bijzonder is wel dat de erflater haar kinderen heeft overleefd en dat ook de belangrijkste erfgenaam kinderloos zal overlijden. Toch is er een uitgebreid ‘testamentair’ nageslacht, waarvan dit blog wil getuigen.

Nog even recapituleren. Op 17 oktober 1743 trouwde in Dordrecht de weduwnaar Johannes Groothoff, geboren te Duisburgh, met Geertruij van Saan, geboren te Orsouw. Het huwelijk werd op 3 november 1743 door ds. Buunt ingezegend. Het gezin kende veel verdriet: 1 kind kwam levenloos ter wereld, daarna werden er nog 3 meisjes geboren, maar zij stierven op jonge leeftijd.
In 1769 verhuisde het echtpaar Groothoff- van Saan naar Zaltbommel. Kennelijk om dichter bij (schoon)zuster Christina van der Ward – van Saan te gaan wonen, die eerder dat jaar weduwe was geworden. Johannes overleed in 1776, hij werd begraven op 8 augustus.

Een jaar later, in 1777, kwam er –vanuit Duisburg via Rotterdam- een nicht in Zaltbommel wonen en deze nicht Catharina Geertruij, dochter van Gerhardt (broer van Johannes), 32 jaar oud, trok bij haar tante in. De familieband met Duisburg is al die jaren in stand gebleven. Als tante Geertruij aanvoelt dat ze niet lang meer te leven heeft, laat ze in 1780 een testament opmaken.

Mantelzorg
Het moet een heel gepuzzel geweest zijn om alle familieleden correct in het testament vermeld te krijgen. Nicht Catharina Geertruij, meestal alleen Geertruij genoemd, was blijkbaar ook goed op de hoogte. Deze nicht werd de belangrijkste erfgenaam, daar zat wel een voorwaarde aan vast:

Assistentie 1780

Voor eerst: Aan mijne Nigt Geertruij Groothoff, dogter van mijn overleeden Mans broeder Gerrit Groothoff, een Somma van duijzend ses honderd Guldens ad Twintig stuijvers Hollands het stuk, Vrijgeld, onder deese expressen mits en conditie, dat deselve mijne Nigt, mijn Leeven lang geduurende bij mij zal moeten blijven woonen, en mij alle moogelijke hulp en adsistentien toebrengen, gelijk tot heeden gedaan heeft.

Deze 18e eeuwse vorm van ‘mantelzorg’ heeft kort geduurd, want in 1782 overleed Geertruij van Saan (begraven op 18 september). Catharina Geertruij was in datzelfde jaar getrouwd met Willem de Bie  (25 mei 1782 was de ondertrouw, het huwelijk werd op 16 juni ingezegend), zij is dan al 37 jaar. Er zijn geen kinderen bekend uit dit huwelijk. Willem werd begraven op 9 mei 1801 in Zaltbommel. Catharina Geertruij overleed daar op 19 februari 1823, om 12 uur ’s middags, 77 jaar oud.
Is zij de laatste Groothoff in Zaltbommel? Nee, in 1823 wonen er inmiddels wel 40(!) Groothoffen, maar daarover later meer.

Wat lezen we verder in het testament? Na het legaat van 1600 guldens [volgens de IISG calculater staat dat voor een koopkracht van ruim 15.000 euro] voor Geertruij krijgt een mij onbekend echtpaar 300 guldens toegezegd en de Executeurs Testamentair, ieder 150 guldens voor ‘haare moeijten in deesen te doen’ als ‘verschotten, reijskosten, als anders’. Er werd blijkbaar al voorzien dat er een reis naar Duisburg aan vast zat.
Ook neef Matthijs (zoon van Gerrit, dus broer van Catharina Geertruij) krijgt een prolegaat van 200 guldens. Zit hij in geldnood of heeft hij zich verdienstelijk gemaakt voor tante?

Erffgenaamen
Daarna worden pas de erfgenamen aangewezen, in drie ‘staken’, een broer van haar man, een schoonzuster en de neven en nichten van een andere broer. Waarschijnlijk zijn een 3e broer, Rutger, en de oudste zuster, Anna Gertraud, uit beeld of jong gestorven.

Voort verklare ik, Testatrice, in alle mijn verdere na te laten gereede en ongereede goederen, Actien en Credieten, waar en op wat plaatsen geleegen en uijstaande moogen sijn… (waaronder ook nog een obligatie van 2999 guldens en een bedrag van 350 guldens via haar zuster betaald, blijkbaar als lening)… tot mijne universele Erffgenaamen te noemen en te stellen gelijk ik noeme en stelle bij deesen, mijn overleeden mans broeder en aangehuuwd suster mitsgaders neeven en nigten Staakgewijze namentlijk:

 Voor ieder een evenredig deel (‘staak’)

  1. Willem Groothoff broeder van mijn overleeden man, woonende te Duissere (bij Duisburg) …
  2. De Weduwe van Arnoldus Groothoff woonagtig te Rotterdam… 
  1. Anna Sophia, Arnoldus, Dirk en Matthijs Groothoff, kinderen van Gerrit Groothoff, voor een Staak off in cas (geval) van vooroverlijden van een off meer van die allen de Langstleevende van hun en haare Zuster Geertruij Groothoff, hier voorgemeld…

 …In waarheijdt oirconde heb ik deese eijgenhandig onderteekend binnen Boemel deesen vierden Maij 1700 Taghentig.

Handtekening Geertruijda van Saan

Deze akte (185/1293) wordt bewaard in het Regionaal Archief Rivierenland in Tiel en werd pas in 2005 voor het eerst geopend. Ik ga ervan uit, dat het testament in tweevoud is opgemaakt en dat het in bewaring gegeven exemplaar niet nodig was bij de uitvoering van het testament.

Werd door deze erfenis Catharina Geertruij als de suikertante van de familie gezien? Feit is dat de 5 zonen en 1 dochter van haar broer Arnoldus tussen 1793 en 1810 allen in Zaltbommel bij familie De Bie Groothoff aanklopten.

Gezin van Dirich (Dirk) GROOTHOFF

I.1        Dirich (Dirk) GROOTHOFF, geboren ca. 1678, overleden voor 1737.
Gehuwd voor de kerk ca 1698 te Duisburg met Jenneke Wiebes, geboren ca. 1677, overleden na 1737.

Uit dit huwelijk:

  1. Anna Gertraud GROOTHOFF, gedoopt op 22‑09‑1700 te Duisburg.
  2. Gerhardt GROOTHOFF, gedoopt op 31‑10‑1703 te Duisburg, overleden voor 1780. Gehuwd voor de kerk op 26‑jarige leeftijd op 12‑03‑1730 te Duisburg met Anna Catharina POPPEN, overleden na 1755
  3. Johannes (Jan) GROOTHOFF, (meester)kleermaker, gedoopt op 06‑10‑1706 te Duisburg, begraven op 08‑08‑1776 te Zaltbommel.
    Gehuwd (1) op 30‑jarige leeftijd op 02‑05‑1737 te Dordrecht, gehuwd voor de kerk op 19‑05‑1737 te Dordrecht met Maria KLOP, geboren te Ha(a)ften, begraven op 17‑09‑1738 te Dordrecht.
    Gehuwd (2) op 37‑jarige leeftijd op 17‑10‑1743 te Dordrecht, gehuwd voor de kerk op 03‑11‑1743 te Dordrecht met Geertruij van SAAN (van ZANEN), begraven op 18‑09‑1782 te Zaltbommel.
  4. Rutger GROOTHOFF, gedoopt op 07‑02‑1709 te Duisburg.
  5. Willem GROOTHOFF, gedoopt op 27‑03‑1714 te Duisburg, overleden na 1780. Gehuwd voor de kerk op 21‑jarige leeftijd op 26‑06‑1735 te Duisburg met Catharina ROS(s)ENDAHL.
  6. Arndt (Aernout, Arnoldus) GROOTHOFF, gedoopt op 28‑07‑1716 te Duisburg, overleden op 09‑01‑1759 te Rotterdam op 42‑jarige leeftijd. Ondertrouwd op 19‑04‑1750 te Rotterdam, gehuwd voor de kerk op 33‑jarige leeftijd op 03‑05‑1750 te Rotterdam met Martijntje GOUDRIAAN, geboren te Gouderak, overleden na 1780.

Gezin van Gerhardt GROOTHOFF

Uit dit huwelijk:

  1. Dirich (Dirk) GROOTHOFF, gedoopt op 17‑08‑1730 te Duisburg, overleden na 1780.
  2. Matthäus (Matthijs) GROOTHOFF, gedoopt op 11‑11‑1733 te Duisburg, overleden na 1780.
  3. Johannes WilhelmGROOTHOFF, gedoopt op 30‑03‑1736 te Duisburg (al overleden in 1780?)
  4. Arnoldus GROOTHOFF, gedoopt op 03‑06‑1739 te Duisburg, overleden na 1791.
  5. Anna Sophia GROOTHOFF, gedoopt op 14‑02‑1742 te Duisburg, overleden op 09‑12‑1808 te Rotterdam op 66‑jarige leeftijd.
  6. Catharina Gertrud (Geertruij) GROOTHOFF, geboren op 10‑03‑1745 te Duisburg, overleden op 19‑02‑1823 te Zaltbommel op 77‑jarige leeftijd.
    Ondertrouwd op 25‑05‑1782, gehuwd op 37‑jarige leeftijd op 16‑06‑1782 te Zaltbommel met Willem de BIE, begraven op 09‑05‑1801 te Zaltbommel.

Erfgenamen in rood, andere verwanten genoemd in het testament groen gekleurd.

Dit verhaal heb ik eerder gebruikt in een bijdrage voor het tijdschrift Tussen de Voorn en Loevestein, 43(2007) nr. 131, p.4-5, “Mantelzorg in de 18e eeuw”.

Een meesterkleermaker uit Dordrecht

De Groothoff-clan heeft zijn roots in Duisburg. De eerste Groothoff die in Zaltbommel wordt vermeld, komt echter uit Dordrecht.  Namelijk Johannes Groothof , die wordt ingeschreven in het Lidmatenregister van de kerk van Zaltbommel.

Lijst van de Ledematen Zalt-Boemel

Onder de letter J staat zijn naam met attestatie (een kerkelijke overschrijving) uit Dordrecht:Johannes Groothof Z'bommel 1769

Hoe zit dat nu?

Het antwoord vond ik in Duisburg: Johannes is een Duisburger. In ieder geval vond ik zijn doop vermeld in het doopboek van de Salvatorgemeinde in Duisburg: 6 october 1706. Zijn vader is Diederig Grootthoft en moeder: Anna (zonder achternaam). Ik vond 6 dopelingen uit dat gezin: Anna Gertraud, Gerhardt, Johannes, Rutger, Willem en Arndt. Iedere keer worden de namen van de ouders anders geschreven:
Diederig als: Derich, Diderich, Dirich, Diederich
Anna: Entgen, Engel, Enniken, Entgens (en veel later als Jenneke).
Grootthoft: Grothoff, Groothof, up den Grotenhof.
Anna heeft bij de andere kinderen wel een achternaam: Wiebuss, Weibuss, Wiebes, Wiebel.

Als bron beschikken we voor die tijd vaak alleen over DTB-boeken: doop-, trouw- en begraafboeken. Het handgeschreven Gotisch Duits (in het Stadsarchief van Duisburg) is lastig te ontcijferen; soms zijn de namen fonetisch opgeschreven, in een ander geval gebruikt men de roepnaam dan weer een officiële naam. De kerkenraadsnotulen vermelden de catechisanten die openbare belijdenis afleggen.

Anna doet belijdenis op 30 maart 1695 als Enniken Wibes (ook te lezen als Wibers)
…”Ihres Glaubens Bekenntnis haben abgelegt und nächts Erinnerung haben Freiheit zum heiligen Abendmahl zu gehehen…”

Ik vond echter geen Dirk Groothoff.

Omdat op 16 maart 1698 Entgens Wiebel trouwt met Derich vom Kloster en er vanaf september 1700 zes kinderen worden gedoopt van ‘Entgen’ en ‘Derich’, vermoed ik dat Dirk Klooster dezelfde is als Diederig Grootthoft. Heeft hij zich vanaf die tijd de achternaam Groothoff aangemeten? Misschien woonden ze wel “up den Grotenhof”?
Deze Diederig deed op 18 april 1696 belijdenis als: Diderich von den Closter.

Terug naar Johannes

Groothoofd met de blogger
Groothoofd met blogger Groothoff

In het Regionaal Archief in Dordrecht komt de naam Groothoff een paar keer voor. In september 1721 werd een Jan op den Groot Hoft in het kerkboek van Dordrecht ingeschreven. Onze Johannes is dan amper 15 jaar. Kan deze Jan onze Johannes zijn?
De schrijfwijze Groothooft komt vaker voor. Dit valt goed te verklaren, omdat er in Dordrecht een prachtige kade is: het Groothoofd.

Op donderdag de 3e mei 1737 wordt het huwelijk van Jan Groothooft en Maria Klop ingeschreven.

Jan Groothooft en Maria Klop huw 1737

Jongman van Doesburgh, een veel voorkomende verschrijving. Belangrijk is ook de vermelding van Jenneken Wiebes, zijn moeder, die schriftelijk toestemming heeft gegeven. Zij is dan weduwe van Dirk Groothooft. Deze Jan moet onze Johannes zijn! Johannes woont in de Nieuwe Kerkstraat, vlak bij de grote kerk.
Al op 17 september 1738 moet Jan Groothoff (dan al in de Gravenstraat) zijn huijsvrouw Marija Klop begraven; zij laat geen kinderen na, aldus het begraafboek.

Op 17 oktober 1743 treedt Jan (nu Johannes) voor de 2e keer in het huwelijk; met Geertruij van Saan, afkomstig uit Orsou. Orsoy is een garnizoensstadje aan de Rijn, iets ten noorden van Duisburg, in de 17e eeuw lag hier een Hollands garnizoen. Haar zuster Stijntje is getuige, …geassisteerd met… Geertruij woonde bij het Groothoofd. Er worden 3 meisjes geboren; helaas sterven ze alle 3 op jonge leeftijd.

Gravenstraat

Johannes (Jan) is (meester)kleermaker en blijkbaar gaan de zaken goed: hij koopt het huis in de Gravenstraat in 1749 en laat er in 1755 een verdieping opbouwen. De Gravenstraat is een kleine straat tussen de Wijnstraat en de Aardappelmarkt, niet ver van het Groothoofd.

In 1769 vertrekt het echtpaar met attestatie naar Zaltboemel.

Waarom Zaltbommel? De enige reden die ik gevonden heb is de zus van Geertruij, Stijntje van Saan. Zij woont in Zaltbommel, althans op 12 mei 1759 gaat zij daar in ondertrouw met Jurrian van der Ward, weduwnaar van Pietronella van Allen. Christina, zoals Stijntje officieel heet, is geboortig van Orsou; 31 mei trouwen ze. Tien jaar later op 15 april 1769 wordt Captijn van der Wart begraven. Vraagt Christina aan haar zus om bij haar in Zaltbommel te komen wonen?
In september van dat jaar worden Johannes en Geertruij als lidmaat ingeschreven van de Kerke van Zalt-Boemel.

Nu kan hier de geschiedenis beginnen.

1e Generatie

I.1        Dirich (Dirk) GROOTHOFF, geboren ca. 1678, overleden voor 1737.
Gehuwd voor de kerk op 16‑03‑1698 te Duisburg (als Derich vom Kloster en Entgens Wiebel) met Jenneke Wiebes, geboren ca. 1677, overleden na 1737.

Uit dit huwelijk:

  1. Anna Gertraud GROOTHOFF, gedoopt op 22‑09‑1700 te Duisburg (op 5 april 1719 doet Gertrudh Grothofts belijdenis).
  2. Gerhardt GROOTHOFF, gedoopt op 31‑10‑1703 te Duisburg, overleden voor 1780. Gehuwd voor de kerk op 26‑jarige leeftijd op 12‑03‑1730 te Duisburg met Anna Catharina POPPEN, overleden na 1755.
  1. Johannes (Jan) GROOTHOFF, (meester)kleermaker, gedoopt op 06‑10‑1706 te Duisburg, begraven op 08‑08‑1776 te Zaltbommel op 69‑jarige leeftijd, wordt 30 september 1721 als lidmaat ingeschreven te Dordrecht komende van (Roon?) onder de naam Groot Hoft; bij zijn huwelijk in 1737 is Jan Groothooft, Jongman van Doesburgh; bij zijn huwelijk in 1743 is Johannes Groothoff gebooren te Duisburgh; woont bij de Nieuwekerkstraat (1737); van 1738‑1769 in de Gravestraat; vertrekt 20 augustus 1769 naar Bommel.
    Gehuwd (1) op 30‑jarige leeftijd op 02‑05‑1737 te Dordrecht, gehuwd voor de kerk op 19‑05‑1737 te Dordrecht, met Maria KLOP, geboren te Ha(a)ften, begraven op 17‑09‑1738 te Dordrecht. Gehuwd (2) op 37‑jarige leeftijd op 17‑10‑1743 te Dordrecht, gehuwd voor de kerk op 03‑11‑1743 te Dordrecht, met Geertruij (Geesken, 1769) van SAAN (van ZANEN), geboren te Orsou, begraven op 18‑09‑1782 te Zaltbommel, volgens het trouwboek “geassisteerd met haar suster Stijntje [Christina] van Saan”.
  1. Rutger GROOTHOFF, gedoopt op 07‑02‑1709 te Duisburg, vader en moeder: Dirch up den Grotenhof und Engel up den Grotenhof.
  2. Willem GROOTHOFF, gedoopt op 27‑03‑1714 te Duisburg, overleden na 1780. Gehuwd voor de kerk op 21‑jarige leeftijd op 26‑06‑1735 te Duisburg met Catharina ROS(s)ENDAHL.
  1. Arndt (Aernout, Arnoldus) GROOTHOFF, gedoopt op 28‑07‑1716 te Duisburg, overleden op 09‑01‑1759 te Rotterdam op 42‑jarige leeftijd, een Arndt (uit Duissern) doet 1736 belijdenis te Duisburg; woont vanaf ca 1745 te Rotterdam. Ondertrouwd op 19‑04‑1750 te Rotterdam, gehuwd voor de kerk op 33‑jarige leeftijd op 03‑05‑1750 te Rotterdam met Martijntje GOUDRIAAN, geboren te Gouderak, overleden na 1780.

Met een luchtballon naar Zaltbommel?

Een legende doorgeprikt.

Een mooi familieverhaal, een legende, kan vaak het begin zijn van genealogisch onderzoek. Zo hoorde ik zo’n verhaal van een oud-oom, die –achteraf gezien- bekend stond om zijn groot verbeeldingsvermogen. De legende kan net zo goed gaan over Mattheis, mijn voorvader, als Hendrik of Johann, oudere broers van Mattheis. Allen geboren in Duisburg, en net als de oudste broer Willem en de jongste, Gerhardt, tussen 1793 en 1810 in Zaltbommel verzeild en aldaar met meisjes uit de Bommelerwaard getrouwd. In Zaltbommel woonde al een zus van hun vader en eerder een broer van hun grootvader. Maar dat wist ik niet toen ik aan mijn onderzoek begon.

Op mijn vraag hoe de familie in Zaltbommel terecht was gekomen, antwoordde mijn oud-oom “met een luchtballon”.

Als kind neem je zo’n antwoord voor waar, later zet je daar vraagtekens achter. Toch liet het me niet los. Toen ik toegang kreeg tot een schat aan informatie, ik werkte bij de Universiteitsbibliotheek Utrecht, begon ik onderzoek te doen naar de geschiedenis van de luchtballon en parallel daaraan de familiegeschiedenis.

In 1783 lukte het de Fransman Montgolfier een heteluchtballon op te laten stijgen, al spoedig gevolgd door een bemande reis met enkele personen in een mandje eronder. De techniek ontwikkelde zich snel en overal in Europa werden ballonnen opgelaten, maar bij bemande ballonnen ging het die eerste jaren altijd om Fransen.

Heteluchtballon

Na de Franse Revolutie streden de Fransen om de macht in Europa met de Pruisen, de Engelsen en de Oostenrijkers. Bij de slag om Fleurus (1794) in de Ardennen zetten de Fransen een compagnie d’aerostiers in met een luchtballon om van grote hoogte verslag te kunnen doen van de positie van de vijand. De ballon, gevuld met waterstofgas, werd op zijn plek gehouden door soldaten van de compagnie of een flink aantal paarden. De informatie uit de mand ging met vlagsignalen of met geschreven mededelingen die langs het touw omlaag werden gelaten. Bij Fleurus zou de inzet van de ballon mede geleid hebben tot de overwinning.

Observatieballon
Observatieballon

Omdat het een heel karwei was de ballon te vullen, werd deze soms dagenlang in de lucht gehouden en zo ook getransporteerd naar de volgende veldslag. Er zijn verslagen bekend van het voorbijtrekken van de compagnie in de buurt van Aken, op diverse plekken langs de Rijn en bij de overgang in Mainz via een schipbrug. In september 1796 werd de compagnie in Würzburg  door de Oostenrijkers veroverd, nadat aartshertog Karl daar het Franse leger had verslagen. In Wenen bevindt zich in het legermuseum nog steeds een van de oorlogsballonnen.

Nu de familie
Na het ‘Ardennenoffensief’ lagen de Fransen in de winter van 1794-1795 aan de Rijn tegenover Duisburg; in Duisburg waren Oostenrijkers gelegerd. Mattheis (1779) is nog te jong om te vechten, maar het is heel goed mogelijk dat een van zijn broers bij de Oostenrijkers in dienst trad en de veldtochten van 1795 en 1796 meemaakte. Misschien heeft Mattheis hen wel opgezocht in Würzburg en aldaar kennis gemaakt met de op de Fransen veroverde trofeeën. Maar of ze daar een proefballonnetje hebben opgelaten?
Dichterbij kon ik niet komen.

Inspectie door aartshertog Karl van de veroverde ballon
Inspectie door aartshertog Karl van de veroverde ballon

Aartshertog Karl bij de veroverde ballon; staat er een Groothoff tussen nrs. 3 en 4?

Oostenrijkers veroveren een Franse ballon

Bronnen:

http://www.carnetdevol.org/aerostation/ballons.htm

http://en.wikipedia.org/wiki/French_Aerostatic_Corps

Aventures de guerre : souvenirs et récits de soldats (1792-1809) / recueillis et publ. par Frédéric Masson ; ill. par F. de Myrbach. Paris, 1894

Groothoffiana

Op deze pagina’s wil ik de geschiedenis van de familie Groothoff uit Zaltbommel beschrijven tussen 1769 en 1925. In 1769 duikt de naam hier op, in 1925 overlijdt de laatste telg in Zaltbommel. In deze periode leefden er tientallen Groothoffen, misschien wel enkele honderden, in deze stad, vandaar een foto van de Waterpoort.
Waarom kwamen zij naar Zaltbommel, wat was hun geschiedenis en waar zijn ze terecht gekomen? Van de bekendste van deze Bommelaars wil ik een levensbeschrijving maken. Hopelijk duiken er tijdens mijn onderzoek nog aardige anekdotes en interessante documenten op. “Groothoffiana” heetten deze stukjes al in 1930 in het Zalt-Bommelsch nieuws- en advertentieblad:

Groothoffiana

Groothoffiana. We hadden niet gedacht, dat onze terloopsche mededeeling over de ligging der ouderlijke woning van den voetbalexpert Groothoff nog zooveel belangstelling zou wekken. Wij hadden dit huis in de Gamersche straat „geplaatst”. De heer A. G. E. te Hilversum, die als goed oud-Bommelaar bij herhaling van zijn interesse voor ons stadje en de levensweerspiegeling daarvan in ons blad blijk geeft, schrijft ons: “dat hij na 1890 geen Groothoffs meer in de Gamersche straat kan aanwijzen. In de Waterstaat woonde even voorbij het hotel Gottschalk een kruidenier Groothoff, verder woonde daar waar de Gasthuisstraat in het Walstraatje overgaat, naast de stal van Job Dekker een melkboer Groothoff.”

Welnu, de schrijver heeft gelijk, doch wij niet minder. Want wat is het geval: de ouders van den sportjournalist Gr. hadden een bakkerij in het huis in de Gamersche straat waar thans de Wed. Blijdenstein woont. Hun buren waren aan de eene zijde de dames de Kanter, later de Inspecteur der Dir. Belastingen Toewater en in de tegenwoordige zaak van den heer Weenink was het postkantoor onder directie van den heer W. F. de Virieu. — Aan de andere zijde de tuinman en slijter Jan van Ekelen, de brievenbesteller v. Balkum, B. Wolf en Gerard van Broekhoven.

De heer Groothoff Sr. huwde in 1878, verhuisde in 1882 en verkocht zijn zaak aan zekeren de Haan. Bij de fam. Gr. heeft nog een der heeren van Lookeren Campagne op kamers gewoond. Zoo hebben we thans van een tijdgenoot een situatieschets van de bewoning der Gamersche straat in de ’80-er jaren. Inderdaad komen er dus na 1890 geen Groothoffs meer voor.

Intusschen zal het voor oude Bommelaars wel typisch zijn deze mededeelingen met hun eigen geheugen te verifieeren.

P.S. Kruidenier Groothoff is Hendrik Groothoff (1857-1945), mijn overgrootvader.